Revisienummer
Iedere technische wijziging krijgt een herkenbare versie.
Versiefouten ontstaan wanneer documenten via mail, netwerkmap en print worden verspreid. De werkvloer moet niet hoeven beslissen welke tekening actueel is; dat moet al bij productievrijgave vaststaan.

Koppel de vrijgegeven productversie en documenten aan de productieorder en toon op de werkvloer alleen de versie die voor die order geldig is. Bewaar oude revisies als historie, maar niet als actieve werkinstructie.
Iedere technische wijziging krijgt een herkenbare versie.
Concept en vrijgegeven documenten zijn duidelijk gescheiden.
De productieorder legt vast welke versie daadwerkelijk moet worden gebruikt.
Achteraf blijft zichtbaar welke revisie bij welke order is geproduceerd.
Maak documentversie onderdeel van werkvoorbereiding.
De werkvoorbereider of engineering bepaalt welke revisie geldig is. De werkvloer ziet die keuze terug op de order en hoeft niet in mappen of e-mail te vergelijken.

Order A is al gestart en blijft na beoordeling op revisie B. Order B is nog niet vrijgegeven en krijgt revisie C. Beide orders bewaren aantoonbaar welke versie is gebruikt.
Nieuwe technische versie wordt aangemaakt.
Engineering/werkvoorbereiding controleert de revisie.
Nieuwe versie krijgt vrijgavestatus.
Bepaal voor welke productieorder de versie geldt.
Alleen de orderversie wordt als actuele instructie getoond.
Korte antwoorden over inrichting, werkvoorbereiding, planning en gebruik op de werkvloer.
Nee. Oude revisies zijn waardevolle historie, maar moeten duidelijk niet-actief zijn zodat ze niet als huidige productie-instructie worden gebruikt.
Dat vraagt een expliciete beslissing: doorgaan met oude revisie, stoppen, herstellen of de nieuwe revisie toepassen. De orderstatus en wijziging moeten dat zichtbaar maken.
Ja. Een productversie kan bijvoorbeeld tekening, werkinstructie, stuklijst en kwaliteitsdocumenten omvatten.
De productiescan volgt productversie, werkvoorbereiding, digitale werkorder en kwaliteitsvrijgave tot op de werkvloer.